Overzicht van de toetsing
| TOETS01 kennistentamen | TOETS02 portfolio | |
|---|---|---|
| Vorm | Schriftelijk meerkeuzetentamen (BYO), individueel | Beroepsproduct in een duo: huisvestingsplan en MJOP |
| Weging | 70% | 30% |
| Moment | P1 week 9 (volgens het rooster: 3 november 2026) | Onderwijsweek 8 (P1 week 8) |
| Herkansing | In P2 (start je in P3, dan in P4) | In P2 of P4, in overleg met de docent |
| Stof | Lesstof (dia's, oefeningen, syllabus bouwkundige begrippen) en de boekhoofdstukken per les | De opdrachten uit de lessen, toegepast op een casus en op een zelfgekozen gebouw |
Het vak is 10 EC (280 uur). Per week zijn er drie lesblokken van vier uur. Elke les heeft grofweg drie delen: instructie met een ppt, oefeningen om de stof te verhelderen en werken aan het portfolio. De oefeningen zijn dus tegelijk tentamenvoorbereiding.
Het meerkeuzetentamen (TOETS01)
Het tentamen bestaat uit meerkeuzevragen met vier antwoordopties. Tentamenstof is de lesstof en de literatuur. Welke boekparagrafen per les tentamenstof zijn, staat in de literatuurtabel op Brightspace (bij Literatuur en leermiddelen). De docent zegt er nadrukkelijk bij dat niet alle hoofdstukken van de twee boeken tentamenstof zijn.
Wat er allemaal onder de stof valt
- De dia's van elke les. Ook de dia's die vooral een afbeelding of model tonen, zoals de huisvestingscomponenten, de prestatievelden en de NEN 2767-tabellen.
- De Syllabus Bouwkundige Begrippen (bij les 2.1). Daarin staat letterlijk dat alle vetgedrukte begrippen tentamenstof zijn. Dat zijn ruim honderd termen, van aanlegbreedte tot zwevende vloer.
- De oefeningen en opdrachten bij de lessen, zoals de tekenoefening Renesse en de maquette-oefening bij les 2.1.
- Twee boeken: Huisvestingsmanagement (Hoendervanger, Van der Voordt en Wijnja, 2022, 3e druk) en Basisboek Facility Management (Drion en Van Sprang, 2024, 4e druk), alleen de paragrafen uit de literatuurtabel.
- Aanvullende literatuur op Brightspace, zoals het artikel over het PvE en de white paper over bruis, ruis en rust.
Soorten vragen waar je op kunt rekenen
Hoe de vragen precies gesteld worden is niet bekend. Op basis van de stof zijn dit de typen kennis die je moet beheersen:
| Type kennis | Voorbeelden uit de stof |
|---|---|
| Begrip herkennen of definiëren | Casco, latei, stramien, peil, crowding, FNO, bestek, conditie |
| Indelingen en modellen kennen | Vier prestatievelden, huisvestingscyclus, bruis-ruis-rust, vier vormen van aanbesteden, contractmodellen, Trias energetica en materia, drie soorten levensduur, vier onderhoudsstrategieën |
| Verschil tussen twee verwante begrippen | Eis tegenover wens, density tegenover crowding, halfsteensmuur tegenover halfsteensverband, peil tegenover maaiveld, BVO tegenover FNO, technische tegenover functionele levensduur |
| Rekenen | Werkplekken op basis van fte, m2 per werkplek, BVO naar FNO, omvang van een gebrek als percentage, schaal van een tekening |
| Toepassen op een situatie | Welke onderhoudsstrategie past bij welk gebouw, welke fundering bij welke bodem, welk contractmodel bij welke opdrachtgever |
Zo leer je ervoor
- Leer de begrippen actief: dek de definitie af en zeg hem eerst zelf op. Gebruik de flashcards op deze site. Herkennen is niet genoeg bij meerkeuze met plausibele afleiders.
- Let vooral op begrippenparen die op elkaar lijken. Meerkeuzeafleiders zijn bijna altijd het verwante begrip.
- Oefen de rekenvoorbeelden uit de samenvatting zelf na, zonder te spieken: ruimtestaat, BVO en FNO, NEN 2767-omvang.
- Lees de boekparagrafen uit de literatuurtabel. Deze site dekt alleen wat in de dia's en Brightspace-documenten staat.
- Maak de oefentoetsen op deze site onder tijdsdruk en kijk daarna waarom elk fout antwoord fout was.
- Gebruik het oefententamen dat volgens de planning in de laatste lesweek (les 7.3) wordt besproken.
Het portfolio (TOETS02): opbouw en puntentelling
Het portfolio bestaat uit twee delen. In deel 1 maak je een huisvestingsplan voor een fictieve casus: een woningcorporatie die een bestaand HAN-gebouw heeft gekocht en daarin haar kantoor en woonunits voor huurders onderbrengt. In deel 2 maak je een MJOP voor 20 jaar voor een gebouw dat je zelf kiest. Je werkt in een duo.
| Onderdeel | Criterium | Max. punten |
|---|---|---|
| Huisvestingsplan | 1. Contextanalyse en huisvestingsvisie | 20 |
| Huisvestingsplan | 2. Gebouwanalyse, gebruikersanalyse en Programma van Eisen | 35 |
| Huisvestingsplan | 3. Ruimtelijke uitwerking: vlekkenplan, inrichtingsplan en moodboard | 35 |
| Huisvestingsplan | 4. Plantoetsing, haalbaarheid en onderbouwing | 10 |
| MJOP | 1. Gebouwkeuze, organisatiecontext en onderhoudsbehoefte | 20 |
| MJOP | 2. Inspectie, inventarisatie en conditiemeting | 25 |
| MJOP | 3. MJOP voor 20 jaar: maatregelen, planning, kosten en onderbouwing | 35 |
| MJOP | 4. Duurzaamheid en DMJOP-kansen | 20 |
Elk criterium wordt beoordeeld op drie niveaus: In ontwikkeling (onder 5,5), Op niveau (5,5 tot 8) en Boven niveau (boven 8).
Deel 1: het huisvestingsplan
Het plan volgt de huisvestingscyclus: initiatieffase (behoefte en context), programma van eisen, ruimtelijke uitwerking en tot slot toetsing en voorbereiding op realisatie. Elke week levert een hoofdstuk op.
| Week | Opdracht | Hoofdstuk in het verslag |
|---|---|---|
| 1 | Contextanalyse: missie, visie en strategie, doelgroepen, werkzaamheden in het kantoor, bezoekers, maatschappelijke en externe ontwikkelingen, toegevoegde waarde van huisvesting | H1 Inleiding en opdrachtomschrijving, H2 Contextanalyse |
| 2 | Tekeningen bestuderen, observatielijst maken en het gebouw bezoeken; beoordelen op functionele prestatie-indicatoren | H4 Gebouwanalyse en haalbaarheidsstudie |
| 3 | Behoeften van medewerkers, bezoekers, bewoners en eventueel partners analyseren (persona's); werkplekconcept | H5 Gebruikersanalyse, H6 Werkplekconcept en woonconcept |
| 4 | PvE voor kantoorfunctie, woonfunctie en gedeelde functies; ruimtestaat; vlekkenplan voor het hele gebouw; inrichtingsplan met moodboard | H7 Programma van Eisen, H8 Vlekkenplan, inrichtingsplan en moodboard |
| 5 | Globale plantoetsing van drie ruimtes of zones aan het Bouwbesluit | Verwerken in het verslag |
Wat de criteria vragen per niveau
| Criterium | In ontwikkeling | Op niveau | Boven niveau |
|---|---|---|---|
| Contextanalyse en huisvestingsvisie (20) | Blijft algemeen; relatie tussen organisatie, gebruikers, ontwikkelingen en huisvestingskeuzes beperkt zichtbaar | Duidelijke analyse en visie; relatie voldoende zichtbaar; toegevoegde waarde passend uitgewerkt | Scherp; relatie overtuigend zichtbaar in het héle plan; toegevoegde waarde sterk en richtinggevend |
| Gebouwanalyse, gebruikersanalyse en PvE (35) | Deels beschrijvend; vertaling naar eisen voor kantoor, woonunits en ondersteunende functies beperkt | Kwaliteiten, beperkingen en behoeften vertaald naar passende eisen; eisen voldoende concreet en herleidbaar | Samenhangend; overtuigend vertaald naar concrete, richtinggevende eisen; goed onderbouwd en duidelijk herleidbaar |
| Vlekkenplan, inrichtingsplan en moodboard (35) | Keuzes beperkt onderbouwd; relatie met PvE, routing, zonering, privacy, comfort en duurzaamheid niet overal duidelijk | Keuzes sluiten aan op het PvE en houden voldoende rekening met routing, zonering, privacy, comfort en duurzaamheid; functies logisch geplaatst | Logisch, realistisch en overtuigend onderbouwd; kantoor, woonunits en ondersteunende functies vormen één herkenbaar ontwerpconcept |
| Plantoetsing, haalbaarheid en onderbouwing (10) | Vooral een opsomming van aandachtspunten, beperkt gekoppeld aan het eigen ontwerp; conclusie algemeen | Ontwerp op hoofdlijnen gecontroleerd en gekoppeld aan het eigen ontwerp; conclusie zegt wat logisch is en wat verder onderzocht moet worden | Kritisch; aspecten onderbouwen de haalbaarheid; conclusie zegt scherp welke keuzes bevestigd zijn, welke risico's blijven en wat specialisten moeten uitwerken |
Aandachtspunten per onderdeel
- Huisvestingsvisie: vertaal wat de organisatie is en wil zijn naar wat de huisvesting moet uitstralen en mogelijk maken. Gebruik de toegevoegde waarden van huisvesting als kapstok.
- Gebouwanalyse: werk vanuit de vier prestatievelden (technisch, functioneel, esthetisch, financieel-economisch) en minimaal tien thema's. Kijk naar mogelijkheden en beperkingen voor de nieuwe functie, niet naar losse inrichting die er toch uitgaat.
- PvE: formuleer eisen, geen oplossingen. Maak onderscheid tussen kantoorfunctie, woonfunctie en gedeelde of ondersteunende functies. Begin met functionele eisen en werk daarna de ruimtelijke eisen uit.
- Ruimtestaat: reken werkplekken uit op basis van fte, niet op het aantal medewerkers. Gebruik FNO in de ruimtestaat en houd het verschil met BVO aan.
- Vlekkenplan: elke vlek is even groot als de ruimtestaat aangeeft, met kleuren en een legenda. Gangen binnen een afdeling horen bij de vlek, trappen, liften en toiletten niet.
- Inrichtingsplan: onderbouw de verdeling over bruis, ruis en rust, laat de flow door het gebouw zien en bereken de investeringskosten voor inrichting en afwerking.
- Moodboard: een strakke collage van sfeerbeelden, materialen en kleurvlakken die past bij de visie.
- Plantoetsing: kies drie ruimtes of zones (bijvoorbeeld entree, kantoorruimte en een woonunit) en loop per ruimte gebruiksfuncties, verblijfsruimtes, routing, scheiding van publiek en privé, toegankelijkheid, daglicht, ventilatie, geluid, privacy en vluchtwegen na. Benoem wat een specialist verder moet uitwerken.
Deel 2: het MJOP
Je stelt een meerjarenonderhoudsplan voor 20 jaar op voor een gebouw dat je zelf kiest, met een toelichting waarin je de keuzes onderbouwt en kansen voor verduurzaming benoemt. Je werkt alsof je als facilitair professional verantwoordelijk bent voor het beheer van dat gebouw.
Eisen aan het gebouw: drie bronnen, drie versies
| Eis | Opdrachtbeschrijving MJOP | Dia les 6.2 | Brightspace-module Deel 2: MJOP |
|---|---|---|---|
| Bouwjaar | vóór 2005 | vóór 2010 | vóór 2000 |
| Oppervlakte | minimaal 200 m2 (bij een heel groot gebouw met de docent een deel afbakenen) | minimaal 200 m2 | minimaal 100 m2 |
| Renovatie | de afgelopen 8 jaar niet volledig gerenoveerd of opnieuw opgebouwd | de afgelopen 10 jaar niet grootschalig verbouwd of gerenoveerd | de afgelopen 5 jaar niet grootschalig verbouwd of gerenoveerd |
| Toegang | binnen- en buitenzijde, minimaal één inspectie op locatie | binnen- en buitenzijde, één inspectie op locatie | binnen- en buitenzijde |
| Overig | duidelijke organisatie of gebruiker; iets te achterhalen over missie, visie, gebruik of toekomst; geen woonhuis | een contactpersoon in het gebouw voor extra informatie |
Opdrachten per les
| Les | Opdracht | Resultaat |
|---|---|---|
| 6.2 | Gebouw kiezen, organisatie en context beschrijven (missie, gebruik, trends), de vijf factoren die onderhoudsbehoefte bepalen uitwerken, inventarisatie maken | Hoofdstuk 1 met conclusie: welke aspecten beïnvloeden het onderhoud en welke risico's levert dat op |
| 6.3 en 7.1 | Elementen uit de inventarisatie inspecteren volgens NEN 2767, conditiescore per element, foto's van gebreken; voorlopige onderhoudsstrategie kiezen en onderbouwen | Inspectieresultaten en strategiekeuze |
| 7.2 | MJOP voor 20 jaar opstellen: per element maatregel, moment, hoeveelheid en kosten, inclusief preventief onderhoud; duurzaamheid meenemen via Trias energetica en Trias materia | MJOP-overzicht |
| 7.2 | Toelichting van minimaal 2 A4: toegepaste strategie, keuzes, prioriteiten, bewust gecombineerde werkzaamheden, duurzaamheid en duurzame kansen | Onderbouwing |
Wat de criteria vragen per niveau
| Criterium | In ontwikkeling | Op niveau | Boven niveau |
|---|---|---|---|
| Gebouwkeuze, context en onderhoudsbehoefte (20) | Algemeen of onvolledig; relatie tussen organisatie, gebruik, gebouwkenmerken, trends en onderhoudsbehoefte beperkt zichtbaar | Duidelijk; relatie voldoende zichtbaar; risico's en aandachtspunten voor inspectie en MJOP voldoende benoemd | Scherp; relatie overtuigend; risico's en aandachtspunten sturen zichtbaar de inspectie, strategie en MJOP-keuzes |
| Inspectie en conditiemeting (25) | Beperkt of niet navolgbaar; onderbouwing van scores wisselend | Gebreken beschreven, met foto's onderbouwd en gekoppeld aan passende conditiescores; relatie met risico's en maatregelen voldoende duidelijk | Zorgvuldig; gebreken concreet, overtuigend met foto's onderbouwd en logisch gekoppeld aan scores; consistent en navolgbaar |
| Onderhoudsplanning met onderbouwing (35) | Keuzes beperkt onderbouwd; maatregelen te algemeen of niet logisch in de tijd | Passende maatregelen, logische planning, realistische kosten voor 20 jaar; toegelicht waarom maatregelen op een bepaald moment staan | Consistent en overtuigend onderbouwd, ook vanuit risico's, kostenpieken en combinatiemogelijkheden; planning aantoonbaar bruikbaar voor dit gebouw |
| Duurzaamheid en DMJOP-kansen (20) | Algemeen of los van het MJOP; Trias energetica en materia beperkt toegepast | Koppeling met onderhoudsmomenten, energie, materiaalgebruik, levensduur en hergebruik zichtbaar; Trias gebruikt om keuzes te onderbouwen | Duurzaamheid geïntegreerd in het MJOP; de Trias stuurt zichtbaar de afwegingen |
Checklist voor het inleveren
Huisvestingsplan
- De huisvestingsvisie komt terug in het PvE, het vlekkenplan, het inrichtingsplan en het moodboard.
- De contextanalyse noemt interne én externe ontwikkelingen en de toegevoegde waarde die de huisvesting moet leveren.
- De gebouwanalyse noemt kwaliteiten, beperkingen, wat geschikt is voor kantoor en wat voor woonunits, met een conclusie over haalbaarheid en voorwaarden.
- De gebruikersanalyse dekt medewerkers, bezoekers en bewoners.
- Het PvE bevat eisen en geen oplossingen, verdeeld over kantoorfunctie, woonfunctie en gedeelde functies.
- Het aantal werkplekken is onderbouwd vanuit fte en het activiteitenprofiel (bruis, ruis, rust).
- De ruimtestaat rekent in FNO en sluit aan op de beschikbare ruimte in het gebouw.
- Het vlekkenplan heeft kleuren, een legenda en vlekken die kloppen met de ruimtestaat.
- Routing, zonering, privacy, comfort en duurzaamheid zijn bij de ruimtelijke keuzes uitgelegd.
- De investeringskosten voor inrichting en afwerking zijn berekend.
- De plantoetsing koppelt de regels aan het eigen ontwerp en eindigt met wat een specialist moet uitwerken.
- Bronnen (missie en visie van de organisatie, beelden in het moodboard) zijn vermeld.
MJOP
- Het gebouw voldoet aan de eisen en is akkoord bevonden door de docent.
- Alle vijf factoren (gebruiksintensiteit, doel, materiaalgebruik, klimaat, ontwerp) zijn op het eigen gebouw toegepast.
- Elk gebrek heeft een foto, ernst, intensiteit, omvang en conditiescore.
- Er is een onderhoudsstrategie gekozen en die is in het hele plan terug te zien.
- Het MJOP loopt 20 jaar en bevat naast herstel ook preventief onderhoud.
- Per maatregel staat hoeveelheid, eenheidsprijs en totaal, met de kostenbasis.
- Werkzaamheden die logisch samengaan zijn gecombineerd en dat is uitgelegd.
- Verduurzaming is gekoppeld aan natuurlijke onderhoudsmomenten en onderbouwd met Trias energetica en Trias materia.
- De toelichting is minimaal 2 A4.